dubbeldraai-2016


Robert Long, pseudoniem van Jan Gerrit Bob Arend (Bob) Leverman (Utrecht, 22 oktober 1943 – Antwerpen, 13 december 2006) was een Nederlands zanger, schrijver, componist, cabaretier en televisiepresentator.

Long werd geboren in Utrecht, maar groeide op in Ederveen. Zowel hij als zijn gescheiden moeder kwamen regelmatig in aanvaring met de veelal orthodox-protestante dorpsbewoners. Dat werd er niet beter op toen Long openlijk voor zijn homoseksuele geaardheid uitkwam. De weerstand die zijn levensstijl in zijn omgeving opriep, werd uiteindelijk de drijfveer voor zijn artistieke verzet. Hij uitte deze periode in het album Homo sapiens met gelijkluidende titelsong en het liedje Perebloesem op het album Nu.

Na een korte carrière als etaleur bij HEMA ging Long als artiest optreden. Onder de artiestennaam Bob Revvel richtte hij in 1963 de band The Yelping Jackals op. In 1967 stapte hij over naar de band Gloria, later Unit Gloria. Zijn Engelstalige repertoire had, zeker in het licht van wat er allemaal nog komen zou, een betrekkelijk onschuldig karakter. De grootste hit van Long bij Gloria is The Last Seven Days. Vanaf 1971 zong hij solo onder zijn definitieve artiestennaam Robert Long (een naam die verwijst naar zijn lengte van 1.92 meter), al bracht hij in 1973 nog een Engelstalige single uit onder de naam Michael Hirschmann. Toen Long bij Unit Gloria vertrok, werd zijn rol daar overgenomen door zangeres Bonnie St. Claire.

In 1975 werkte hij mee aan het satirisch theaterprogramma Scherts, satire, songs en ander snoepgoed met Dimitri Frenkel Frank, Jenny Arean en Jérôme Reehuis.

Aanvankelijk bracht Long enkele Engelstalige singles uit. Na een demo, waarop Long enkele eigen Nederlandstalige liedjes, werd hij in contact gebracht met arrangeur Erik van der Wurff. Onder de leiding van John Möring nam Long zijn eerste solo lp Vroeger of later op. De liedjes kenmerkten zich door hun maatschappijkritische teksten, waarin met ironie de Amerikaanse politiek en de Nederlandse maatschappij behandeld werden. Wat bij het besluit om over te stappen op Nederlandstalig repertoire een rol speelde was dat Long’s engelstalige solocarrière maar moeizaam van de grond kwam. Pas toen hij een langspeelplaat maakte met Nederlandse teksten, steeg hij in korte tijd naar de hoogste regionen van de albumhitparades.

Van zijn eerste Nederlandstalige album Vroeger of Later (1974) werden uiteindelijk meer dan een half miljoen exemplaren verkocht en het behoorde achtereenvolgens 118 weken bij de best verkochte albums, waarvan drie keer op de eerste plaats. Ook van zijn tweede album Levenslang gingen er enkele honderdduizenden over de toonbank. In 1977 ontving hij de eerste van zes Edisons.

In zijn liedjes verwoordde Long het onbehagen dat onder grote groepen jonge mensen leefde. Hij was vóór het milieu en tegen het kapitaal. Zijn felste teksten waren echter gericht tegen de kerk, de paus en Jezus Christus zelf. Wie Vroeger of Later op de draaitafel legt, hoort naast romantische liedjes over liefde en homoseksualiteit ook afkeuring tegen alles wat christelijk is zoals het bekende Jezus Redt.

Het succes gaf Long vleugels en zijn provocaties werden openlijker en venijniger. Samen met Leen Jongewaard maakte Long in de jaren tachtig een serie van drie theaterprogramma’s: Duidelijk zo!? (1980), Tot hiertoe (heeft de Heere ons geholpen) (1982) en En het bleef nog lang onrustig in de stad (1983). Het duo trok ten strijde tegen ‘burgerlijkheid en calvinisme’. Woedende reacties vanuit vooral de hoek van orthodoxe protestanten zoals de SGP, de EO en haar achterban maar ook vanuit katholieke kringen, stimuleerden Long alleen nog maar meer. Ook het ‘evangelisten-echtpaar’ Lucas en Jenny Goeree kreeg ervan langs. Omdat hij weer soloprojecten wilde gaan maken, kwam er na de derde voorstelling met Jongewaard een einde aan hun samenwerking. Leen Jongewaard betreurde dat zeer.

Halverwege de jaren tachtig scoorde Long met de single Iedereen doet ’t een top 10-hit in Nederland. Zijn albums bleven ook goed verkopen. In 1984 kreeg hij een Gouden Harp.

Eind jaren tachtig ging Long voor het eerst een televisieprogramma presenteren: Mijn geheim bij de TROS. Hoewel dit aanvankelijk vooral tot negatieve reacties leidde, was het programma toch succesvol. Niet veel later stapte Robert Long over naar de VARA, waar hij de taalquiz Tien voor taal ging presenteren.

Vanaf 1986 schreef Long columns voor het Algemeen Dagblad. Een selectie hieruit werd in 1990 uitgebracht onder de titel Vandaag geen nieuws. In dezelfde tijd presenteerde hij bij de VARA de show Fantastico. Long schreef met Dimitri Frenkel Frank de Nederlandstalige musical Tsjechov. Aanvankelijk verscheen alleen de muziek daarvan op een cd, waarbij Long zelf de hoofdrol zong. Andere medewerkers aan dat project waren o.a. André van den Heuvel, Rob de Nijs, Simone Kleinsma en Robert Paul. Toen de musical een aantal jaren later voor het eerst op de planken werd gebracht, weigerde Long de hoofdrol, omdat hij niet meer in het theater wilde werken. Boudewijn de Groot kreeg de rol van de beroemde Russische schrijver. In Nederland werd de musical een groot succes, maar de Duitstalige versie – waarbij Long ook betrokken was – werd in Duitsland minder enthousiast ontvangen.

Robert Long is ook de auteur van de autobiografische roman Wat wil je nou, zijn romandebuut uit 1988 dat gepubliceerd werd bij Sijthoff. In de literaire kritiek werd die roman maar erg matig geapprecieerd. Zo verscheen er in Vrij Nederland een behoorlijk negatieve recensie van Joost Zwagerman, waarin hij Long onder andere aanwreef slechts van zijn bekendheid gebruik te maken. Er was wel een publiek voor, want de roman werd zelfs herdrukt.

In 1998 verscheen Beste Robert, Waarde Cees, een boek met brieven ‘over leven, dood, liefde, seks, werk en collega’s’ die Robert Long wisselde met Cees van der Pluijm. Long en Van der Pluijm kenden elkaar al vanaf het begin van de jaren tachtig; Van der Pluijm stelde in 1987 onder het pseudoniem Paul Lemmens de bundel Jij wou mij totaal samen, waarin voor het eerst alle Nederlandstalige liedteksten van Long in druk verschenen. Ook schreven zij samen de scabreuze schelmenroman Hete Klippen (1991).

Op 31 mei 2008 verscheen een tweede deel correspondentie met Cees van der Pluijm, getiteld Het laatste jaar. De brieven uit 2006, waarin Long zich uitlaat over dood, afscheid en ziekte, niet wetende dat hij snel ziek zou worden en zou sterven. Het boek kon worden uitgegeven dankzij een actie van twee Robert-Longfans die in twee maanden ruim 250 intekenaars wierven. Uitgeverij De Stiel bracht het boek vervolgens op de markt.

Tijdens zijn laatste optredens leek Long milder te zijn geworden. Dat dit slechts voor een gedeelte waar was bewees zijn laatste cd die in 2006 verscheen. De titel hiervan weerspiegelt volmaakt wat Long tijdens zijn verblijf op dit ondermaanse dreef: ’n Duivels Genoegen. De nummers op de plaat zijn deels lyrisch en deels rebellerend.

Long kreeg op 8 september 2005 een hartinfarct en werd hiervoor gedotterd in het Academisch Medisch Centrum te Amsterdam. Later dat jaar, op 6 december 2005, trouwde Long met zijn Belgische vriend en manager Kristof Rutsaert (1972). De voltrekking van het huwelijk werd in het gemeentehuis van Baarle-Nassau uitgevoerd door Gerard Cox, een goede vriend van Long. Speciaal voor het huwelijk werd Cox de week ervoor in Breda beëdigd als ambtenaar van de burgerlijke stand.

Op 11 december 2006 werd bekendgemaakt dat Long terminaal ziek was en nog zeer kort te leven had. Begin december werd hij met een ernstige vorm van buikvlieskanker in een ziekenhuis opgenomen. Hij kreeg chemotherapie maar dit werd vrij snel weer afgebroken nadat bleek dat de kuur niet aansloeg. Robert Long overleed op 63-jarige leeftijd in een ziekenhuis in Antwerpen. Hij is op 23 december 2006 begraven in een zandgraf op de Haagse rooms-katholieke begraafplaats Sint Petrus Banden, niet ver van de arcade, waar ook zijn goede vriend Dimitri Frenkel Frank begraven is. Op het grafmonument staat een beeld van de Vlaamse kunstenaar George Minne (1866-1941) een “geknielde jongeling”, waarvan het oorspronkelijke ontwerp gebruikt is voor een fontein in Gent; ook is er de zin te lezen die Long zelf uitkoos in zijn lied Grafschrift: “Iemand, in elk geval één, heeft er van hem gehouden”.

In december 2015 ging een musical over het leven van Robert Long met vele van zijn liedjes in première. In de door Stage Entertainment Nederland geproduceerde musical Robert Long speelt Paul Groot de titelrol, terwijl Jeremy Baker de rol van Leen Jongewaard vertolkt. Beiden zijn als acteur bekend van Koefnoen.[1] Begin 2016 kwam de oeuvrebox Jij wou mij totaal uit met daarin al Longs Nederlandstalige albums. Hoewel de box spreekt van “Zijn complete Nederlandstalige oeuvre” ontbreken onder andere de cabaretalbums 10 jaar theater met Leen Jongewaard en diverse nummers, die niet op albums van Long zijn terechtgekomen.[

Categorieën: Dubbeldraai